HET  KWEKEN  VAN  VLEUGELLOZE  FRUITVLIEGFES   door Johan Kamphuis

 

Sinds kort heb ik Baardmannetjes waarmee ik van tijd tot tijd graag wil kweken. De liefhebber van wie ik de baardmannetjes kocht, adviseerde mij om fruitvliegjes bij te voeren wanneer de Baardmannetjes jongen hadden. Thuisgekomen realiseerde ik mij pas dat ik deze vroeger, toen ik nog aquariums had, zelf kweekte. Het recept had ik van mijn zwager Jan Kamphuis gekregen. Dus belde ik Jan maar eens op en, jawel, hij had het artikel nog. Hij had het destijds geschreven voor een thema-avond van zijn aquariumvereniging. Over de kweek zelf had hij informatie gevonden in een nummer van het maandblad Het Aquarium. 

Benodigdheden:

-                     een half blaadje blanke gelatine

-                     een half kopje koud water

-                     een half kopje lauw water

-                     twee kopjes havermout

-                     half zakje gistkorrels of 50 gram gist

-                     een banaan of ander fruit

-                     mespunt Nipagine (conserveringsmiddel, bij de apotheek verkrijgbaar)

-                     enkele glazen potten, liefst met wijde hals

-                     enkele stukjes katoen

-                     enkele elastiekjes

-                     vleugelloze fruitvliegjes (of gevleugelde als men gevleugelde wil kweken)

-                     enkele stukjes toiletpapier of - nog beter - vochtig gemaakte turfvezel 

Werkwijze:

  1. Laat een half blaadje blanke gelatine weken in een half kopje koud water en breng het geheel daarna in een pan al roerend aan de kook tot de gelatine is opgelost.
  2. Voeg twee kopjes havermout toe, de brij goed roeren en af laten koelen.
  3. Los in een half kopje lauw water, met twee theelepels suiker, een half zakje gistkorrels of 50 gram gist op. Laat dit 10 minuten staan.
  4. Maak de banaan of ander fruit goed fijn, voeg hieraan een mespuntje (=¼ theelepel) Nipagine toe.
  5. Roer het mengsel van havermout/gist/fruit goed door elkaar en verdeel het over 4 tot 6 glazen potten. Duw de stukjes toiletpapier of turfvezel gedeeltelijk in de voedingsbodem. N.B.: turfvezel verteert minder snel, waardoor de larfjes langer een droog plekje vinden om zich later te kunnen te verpoppen.
  6. Sluit de potten af met een stukje katoen en een elastiekje (voor de ventilatie) en zet de potten op een warme plek in verband met het rijzen.
  7. Wanneer u direct wilt kweken, pak dan zoveel potten als u nodig denkt te hebben en voeg de volgende dag per pot een tiental vliegjes toe. Bewaar deze op kamertemperatuur. Ze kunnen gerust donker of kouder staan, maar hoe warmer ze staan des te korter is de kweekcyclus. Minimaal 14 dagen. Dus ook hiermee is spreiding in tijd te verwezenlijken.

      Zet de potten die u nog niet wilt gebruiken afgesloten met het deksel of met een stukje      

      plastic in de koelkast. Houdbaarheid met goede kweekeigenschappen minstens een    

      maand. Enkele weken voordat u weer vliegen denkt nodig te hebben, brengt u de   

      potten weer op kamertemperatuur, voeg een tiental vliegjes toe en dek de potten af met      

      een lapje katoen en een elastiekje.
 Staan de kweekpotten in een droge ruimte, maak dan als, de voedingsbodem te droog  wordt, de inhoud 1x per week vochtig door er iets water over te gieten. Zo kunt u met een voedingsbodem-aanmaak twee maanden uitkomen. Het bereiden van de voedingsbodem lijkt een heel karwei maar het valt best mee en u zult voor uw moeite beloond worden!

      Fruitvliegjes lijken mij verder ook heel geschikt voor andere kleine insecteneters.

 

Voor aanvullingen en advies m.b.t. het kweken van meelwormen en buffalowormen:

kamphuis.j@wanadoo.nl – Tel. 053 – 4326239 / 06 - 20004985