STAARTMEES NOCH PUTTER door Barrel Well

De staartmees (Aegithalos caudatus) behoort tot de familie staartmezen (Aegithalidae) en niet tot de familie van de echte mezen (Paridae). Ze worden ongeveer 14 cm. groot, daarvan neemt de staart 8 tot 10 cm. in beslag.                        
De zang van de staartmees stelt niet heel veel voor.Meer een doordringende, hoge, korte roep: prrrt, prrrt. Vaak 3 keer achter elkaar. Er zijn meerdere ondersoorten. O.a. de witkopstaartmees is een ondersoort en komt voor in Scandinavië, oostelijk Europa, Sovjet-Unie en verder oostelijk tot in China en Japan. De vogel is te herkennen aan de opvallend witte kop.                   
Roodkopstaartmeesjes komen voor aan de voet van de bergen in de Himalaya in Pakistan en in het noorden van India en in  het zuiden van China, Birma en Vietnam. Bij mij zitten ze in een buitenvolière van 3m bij 0,8m., samen met 1 koppel kleine putters wat heel goed gaat. Tegen de broedtijd gaan de putters eruit zodat de staartmezen de volière voor zichzelf hebben. Ze krijgen een mengsel van eivoer, Orlux Uni Patee en Orlux Insect Patee (elk 1/3deel). Aangevuld met buffalo’s, pinkys en wat meelwormen. Een mannetje had ik al van iemand over kunnen nemen. Nu nog een pop. Het mannetje en het vrouwtje zijn met het blote oog niet van elkaar te onderscheiden. In oktober kon ik 2 staartmezen overnemen van een kweker, geslacht was echter niet bekend. Na geslachtsbepaling bleken het 2 poppen te zijn. Dat kwam dus mooi uit. Omdat staartmezen rond begin maart beginnen te koppelen heb ik half februari de ene pop apart gezet en ook de putters. De nestbouw kan al halverwege maart beginnen en kan wel 4 weken duren, al gebeurt het soms dat ze in enkele dagen klaar zijn. Het nestmateriaal wat ik ze geef is bijna gelijk aan wat ze in de natuur gebruiken: mos,veertjes (bijv.van uitgeruide kanaries, als het maar kleine zachte veertjes zijn), hennepvezel van Hugro BioBed, geitenhaar en spinrag, wat ik tussen 2 takjes verzamel en dan probeer over te brengen op de aanwezige struiken. Van een kweker had ik een kant en klare nestbuidel gekocht. Zelf kweekt hij er met succes mee. Daarnaast verstrekte ik ook gewoon nestmateriaal zodat ze zelf ook kunnen rommelen of eventueel zelf een nest maken. Het nest hebben we 21 maart opgehangen op ongeveer 1,5 m. hoogte in een conifeer. Ook het nestmateriaal neergelegd. Vrijwel direct begonnen ze er mee rond te vliegen. Tot half april gebeurde er echter weinig. Eind april hebben we de 2e pop er bij gedaan om zo misschien nog de kans op succes te vergroten. Het is helaas niet gelukt. Volgend jaar maar weer proberen. Half april kregen de putters nestmateriaal waarmee ze direct aan de slag gingen. Helaas lag de man na enkele dagen dood. Ook geen kans op een nestje putters dit jaar dus. De ringen bleven dit jaar in het laatje liggen. ’t Gaat altijd anders dan je denkt. Als er kwekers zijn die hun kweekervaring met staartmezen willen delen:

tips/suggesties zijn altijd welkom op

staartmees@wildzang-putters.nl